Al sinds de 17e eeuw staat de wereld in de rij voor het witte goud uit Haarlem, glanzend damast uit Nederland.

Van oorsprong komt damast uit Damascus, handelsstad aan de zijderoute. In de vroege middeleeuwen heeft deze Syrische weeftechniek via de zijderoute het westen bereikt. Na het beleg van Antwerpen (1584-1585) sloegen de wevers van Kortrijk op de vlucht richting Haarlem. Dankzij de komst van de Vlaamse werklieden veranderde de stad in het centrum van de damastweverij.

Europese vorstenhuizen stonden in de rij voor het witte goud uit Haarlem. De mooie dessins in damast ontstaan door verschillende bindingen met elkaar te wisselen. De glanzende tekeningen en teksten zijn slechts vanuit een bepaalde hoek in vol ornaat te bewonderen. Die tijdrovende weeftechniek maakt de stof kostbaar. Vroeger was damast per definitie zijde, maar nu kan elke draad damast worden. Dus ook katoen, linnen en zelfs polyester.

Dat damast altijd al prijzig was bewijst een bewaard gebleven opdracht van de Staten Generaal aan de Haarlemsche damastwevers. Voor Filips Willem van Oranje werd 3 kilometer damast besteld voor een waarde van Hfl. 10.000,00. En dit in het jaar 1611.